Voor 16:00 besteld, dezelfde dag verzonden
Embleemgigant.nl

Waarom heet Veghel Kuussegat tijdens carnaval? Het verhaal achter het kalf

Waarom heet Veghel Kuussegat tijdens carnaval? Het verhaal achter het kalf

Wie op de vrijdagavond voor het feest met een kromme naald en een versleten vingerhoed door stug kielkatoen zit te prikken, herkent het meteen: het embleem met het eigenwijze kalfje. Wie carnaval in Veghel viert, trekt immers niet naar Veghel, maar naar Kuussegat. Die carnavalsnaam stamt rechtstreeks af van het oude Veghelse woord kuus, dat kalf betekent. Het herinnert aan de negentiende eeuw, toen de handel in kalveren de hele streek vormgaf en de inwoners hun geuzennaam bezorgde.

Hoe de negentiende-eeuwse kalvermarkt leidde tot Kuussegat

Om te begrijpen waar de naam Kuussegat vandaan komt, moeten we ruim honderdvijftig jaar terug in de tijd. In de negentiende eeuw was Veghel geen industriekern zoals nu, maar een agrarisch centrum met een enorme veemarkt. Wekelijks werden er honderden jonge kalveren verhandeld. Boeren uit de wijde omtrek trokken naar het dorp om hun dieren aan te bieden aan handelaren die ze vaak weer verder transporteerden richting grotere steden.

In het lokale dialect sprak men niet over een kalf, maar over een kuus. De handelaren en inwoners stonden in de omliggende dorpen al snel bekend als kuussen. Wat ooit begon als een ietwat spottende aanduiding van buren die vonden dat het in Veghel altijd naar stro en vee rook, werd later met gepaste trots omarmd. Toen het georganiseerde openbare carnaval na de Tweede Wereldoorlog opbloeide in Brabant, kozen de feestvierders ervoor om deze historische bijnaam tot officiële carnavalsnaam te dopen. Zo werd Veghel officieel Kuussegat en werd de Kuus het trotse middelpunt van de lokale carnavalsvereniging.

Waarom zoveel Brabantse dorpen een dier of spotnaam kozen

Veghel staat niet alleen in de traditie om een historisch dier of een oude spotnaam te kiezen voor de carnavalsdagen. Het hoort bij de Brabantse volkscultuur om jezelf tijdens het feest een spiegel voor te houden met een flinke dosis zelfspot. Wat de buitenwereld vroeger als scheldwoord gebruikte, werd tijdens het feest juist een eretitel.

Kijk maar naar de rest van de provincie:

  • In Udenhout viert men feest in D'n Haozenpot, een verwijzing naar de hazen die vroeger over de heidevelden renden.
  • Rijsbergen verandert tijdens de feestdagen in Aopelaand, vernoemd naar een oude spotnaam voor de bewoners.
  • Engelen heet tijdens het feest Terpersdurp, waarmee verwezen wordt naar de vroegere bewoners op de terp langs de Maas.
  • Hilvarenbeek noemt zich Pezerikkengat, wat teruggaat op een oude benaming voor een pees of een eigenwijze doordrijver.

Terwijl steden als Den Bosch met oeteldonk emblemen of Breda met kielegat emblemen elk hun eigen specifieke kledingvoorschriften en kleuren hebben, zie je in Kuussegat vooral een levendige mix van het kalfmotief en lokale stadskleuren.

Het kalf op straat: wagens, jassen en tradities

Als je op zondag langs de optochtroute staat, ruik je de geur van natte confetti vermengd met versgebakken friet uit een kraam op de hoek. Op de grote praalwagens zie je het kalf steevast terugkeren. Soms metershoog in piepschuim en papier-maché gesneden met een grote knipoog, dan weer afgebeeld op de vaandels van de plaatselijke carnavalsvereniging.

Ook op straat is de identiteit duidelijk zichtbaar. Oudere carnavalsvierders bewaren hun kielen vaak al tientallen jaren. Die jassen zijn stug van het vele borduurwerk, verkleurd door tientallen liters bier en soms verstevigd met extra stukken jeansstof op de ellebogen waar de naaimachine ooit doorheen ging. Tussen alle carnavalsemblemen door zie je altijd wel ergens een kalfje opduiken, van kleine vintage vilten figuurtjes uit de jaren tachtig tot moderne, strak geborduurde badges met gouddraad.

Wie zijn jas met aandacht opbouwt, naait elk embleem met stevig garen vast. Een gestreken patch overleeft de polonaise meestal wel, maar de combinatie van regen en een overvolle kroeg vraagt om echt naaiwerk.

Hoe bevestig je een Kuus-embleem het beste op je carnavalsjas?

Ieder jaar zien we mensen vlak voor het openingsweekend haastig naar de strijkbout grijpen. Toch leert de ervaring dat alleen strijken risicovol is. Zeker bij dikke kielen of wollen jassen laat de lijmlaag na een lange avond hossen gemakkelijk los. Met dit stappenplan zit je badge gegarandeerd vast tot ver na aswoensdag:

  1. Was je kiel of jas vooraf zonder wasverzachter, zodat de stof goed vetvrij en stroef is.
  2. Bepaal de plek voor de spiegel met een paar veiligheidsspelden. Zorg dat het embleem niet precies over een dikke binnenzak of naad valt.
  3. Verwarm het strijkijzer op katoenstand (zonder stoom) en leg een theedoek over het embleem om verkleuring van het borduurgaren te voorkomen.
  4. Druk de bout dertig seconden stevig aan op de voorkant, en herhaal dit dertig seconden aan de binnenkant van de stof.
  5. Laat de jas minimaal een uur volledig afkoelen zodat de smeltlijm uithardt.
  6. Pak naald en stevig garen (liefst jeansgaren) en zet de rand met een kleine festonsteek of stiksteek rondom vast. Zo weet je zeker dat je badge niet sneuvelt tussen het feestgedruis.

Jouw jas klaarmaken voor het feest

Of je nu geboren bent in Veghel of van buitenaf aanschuift bij de optocht: het dragen van de juiste symbolen laat zien dat je de lokale traditie eert. Een goede carnavalsjas vertelt een verhaal. Hij groeit met het jaar, met herinneringen aan optochten in de vrieskou en lange middagen in het dorpscafé. Kies daarom altijd voor stevig geweven emblemen met een dichte randafwerking, zodat het borduurwerk mooi blijft, hoe vaak je jas ook meegaat in het feest.

Veelgestelde vragen

Wat betekent de naam Kuussegat precies? Kuussegat is de carnavalsnaam van Veghel. Het woord kuus is het oude plaatselijke dialectwoord voor kalf, vernoemd naar de omvangrijke kalverhandel die het dorp in de negentiende eeuw rijk maakte.

Zijn Kuussegat emblemen alleen geschikt voor boerenkielen? Nee, je kunt ze op vrijwel elk kledingstuk dragen, van traditionele blauwe kielen tot moderne carnavalsjassen, bodywarmers en gilets. Zolang de ondergrond stevig genoeg is voor naald en draad, kun je het kalf overal op bevestigen. Kijk voor praktische tips over bevestiging ook eens bij onze veelgestelde vragen.

Waarom dragen dorpen zoals Veghel geen zwart-rood-groen zoals andere steden? Elke Brabantse plaats heeft zijn eigen specifieke kleuren en historie. Waar sommige steden de kleuren van de dorpsvlag of historische verenigingen hanteren, gebruikt Kuussegat zijn eigen kleurenpalet en symboliek rondom het kalf. Zo behoudt iedere regio tijdens het feest zijn eigen unieke karakter.

Lees ook

Compleet de carnaval in met emblemen

Opstrijkbare emblemen voor Oeteldonk, Kruikenstad, Kielegat en Lampegat. Voor 22:00 besteld = dezelfde dag verwerkt.

Bekijk alle emblemen